Ieder mens heeft een eigen verhaal en van iedereen kunnen we iets leren. We kunnen de wereld alleen door onze eigen ogen bekijken en daarom ga ik op zoek naar de verschillende interpretaties van een mooi leven. Welke keuzes heeft muzikant Sam van Ommen gemaakt en wat kunnen we van hem leren?

Sam jaagt momenteel zijn droom na om rond te kunnen komen van muziek maken. Vorig jaar stond hij met zijn band in café Paradiso, nu timmert hij hard aan de weg in het duo Sam & Julia bij Giel’s Talentenjacht. Sam is pas zeventien jaar, maar heeft de levenservaring waar menig oudere van zou opkijken. Meer dan de helft van zijn leven heeft hij in Afrika en Amerika gewoond. Eind 2015 interviewde ik hem over de invloed van wonen in het buitenland, reizen en muziek.

Hij ziet eruit als een excentrieke jongeman: een ribfluwelen broek, bruine leren laarsjes, blauwgroene ruitjesblouse. Met zijn helderblauwe ogen kijkt hij nieuwsgierig onder zijn donkerblonde krullende haar door, zijn lage stem bromt meerdere malen ‘Sure. Sam zit in 6VWO van The International School of Amsterdam en woont in Amsterdam. Hij tikt met zijn voeten alsof de muziek ritmisch door zijn ledematen stroomt en frunnikt aan zijn met tientallen kleurige armbandjes versierde pols. Het zou me niks verbazen als Sam de reïncarnatie is van Jimi Hendrix himself.

Waar ben je nu mee bezig?

“Ik speel sinds februari 2015 in de band Oxheart, als zanger en gitarist. We nemen demo’s op in de studio en willen daarnaast naam opbouwen zodat mensen ons leren kennen. Ik wil niks liever dan muziek maken, gitaar spelen en daarvan leven. Ik wil lol hebben en mensen blij maken met onze muziek. Daarom wijd ik vrijwel al mijn vrije tijd aan muziek: muziek luisteren en maken, gitaarlessen volgen, repeteren met de band, over muziek lezen of optreden. Ik denk dat dit een goede invloed op me heeft als muzikant. ”

Waarom heb je in het in buitenland gewoond?

“Mijn vader werkt bij buitenlandse zaken en hij wordt al jaren uitgezonden. Ik heb 2,5 jaar in Zimbabwe gewoond in de eerste jaren van mijn leven en van mijn vierde tot mijn achtste heb ik in Nicaragua gewoond. In 2009 kreeg ik te horen dat we naar Ghana zouden gaan en na dat nieuws heb ik eerst twee uur lang moeten huilen. Ik had het weer naar mijn zin in Amsterdam en ik was bang dat ik met tweehonderd kinderen op zo’n zweterig Afrikaans schooltje zou zitten.

Uiteindelijk heb ik van mijn elfde tot mijn vijftiende in Ghana gewoond. Het eerste jaar heb ik mijn familie en vrienden niet gezien en dat vond ik een moeilijk jaar, omdat ik toen nog het meest gewend was aan Nederland. Daarna gingen we in de vakanties regelmatig terug naar Nederland om mijn familie te zien.”

“Ga ergens anders wonen zodra je de mogelijkheid hebt”

Hoe vond je het om in Ghana te wonen?

“Ik schrok er in eerste instantie van, ook al wist ik wat ik kon verwachten door het wonen in Afrika en Centraal-Amerika. Afrika is veel minder developed dan Nederland. Ik ervoer regelmatig een cultuurshock en ik miste mijn vrijheid. Het was lastig om gewoon over straat te lopen of in een paar minuten naar een vriend toe te fietsen. In plaats daarvan moest ik midden door de drukke stad met een chauffeur in de auto zitten, vaak minstens een half uur.

Het klinkt misschien cliché, maar ik was onder de indruk van de armoede. Als je door dat land rijdt, kun je zien hoe blij twintig jongens zijn met een bal terwijl ik Nederlandse kinderen soms hoor klagen dat ze de verkeerde kleur Playstation hebben gekregen. Ik zou iedereen aanraden om ergens anders te gaan wonen zodra de mogelijkheid zich voordoet. Het is bizar hoeveel ik heb geleerd en hoe ik op een positieve manier ben veranderd.”

Wat betekent wonen in het buitenland voor jou?

“Ik ben me veel bewuster van wat er allemaal in de wereld gebeurt. Ik zat (en zit) op een internationale school en ik kwam in aanraking met veel nieuwe dingen: nieuwe kinderen, andere culturen en andere gewoontes. Ik sta open voor mensen die anders zijn en denken en ik bekijk situaties van meerdere kanten.

Eigenlijk ben ik heel dankbaar voor de tijd in Ghana, want daar ontdekte ik mijn liefde voor muziek.

Net voordat we naar Ghana gingen, pakte ik een keer de gitaar van mijn vader en pingelde zomaar wat. Mijn vader zei dat het wel goed klonk en ik besloot :‘Fuck it, ik ga gitaar spelen’. De eerste vier maanden zaten we in een hotel en daar bracht ik veel tijd door met mijn vader. We luisterden in de lobby naar nummers van Bob Marley, die hij me vervolgens leerde. Vaak had ik in de weekenden geen flikker te doen en dan zat ik twee dagen lang in de garage gitaar te spelen.

Mijn vader heeft zijn muzieksmaak op me overgebracht. Ik hou nu van blues, sixties en de oude mannetjes. Jimi Hendrix en The Beatles staan absoluut op nummer 1. Jimi is mijn god, dat is niet normaal. Maar ik word ook blij van BB King, The Arctic Monkeys, Mac Demarco en Robert Johnson met slechte opnames van een akoestisch gitaartje.”

Hoe vind je het om weer in Nederland te zijn?

“Het was de juiste tijd om te verhuizen. Ik had in Ghana veel aan mijn muziek gewerkt, maar ik merkte dat ik iets nieuws nodig had. Ik wilde beter worden en had betere muzikanten om me heen nodig om mee te spelen. Door dat vele verhuizen kan ik makkelijk wennen aan een plek, al vond ik het lastig om te wennen op school; ik mis Ghana nog regelmatig. De school was daar de halve grootte van mijn huidige school, iedereen kende elkaar en ik had een hechte groep vrienden. We waren veel buiten en liepen tussen de bomen door naar de volgende les.

Eenmaal in Amsterdam ontdekte ik de muziekscène hier en dat was een enorme eye-opener. Ik heb opgetreden in Café Paradiso, dat vond ik heel vet. Jezus, ik was zo zenuwachtig van tevoren. Het was bizar om op een plek te spelen waar hele grote artiesten hebben gespeeld, mensen tegen wie ik opkijk. We treden steeds vaker op, bijvoorbeeld bij kleine festivals zoals de Rollende Keukens en in cafés als Maloe Melo.”

Waarom maak jij muziek?

“Eerlijk gezegd weet ik niet wat ik anders zou doen. Als ik speel, ervaar ik soms een moment waar alles goed voelt en dat wil ik altijd ervaren. Als ik hard genoeg werk en een beetje geluk heb, kan ik misschien met mijn muziek de hele wereld over touren. Dat vind ik een vet idee.”

“Als je met iets in aanraking komt waarvan je denkt ‘Ja, dit wil ik’, ga er dan voor”

Wat zijn je toekomstplannen?

“Als ik klaar ben met school neem ik eerst een tussenjaar om veel muziek te maken en daarna wil ik muziek studeren in Engeland of Berlijn. Ik vind het een kick om in het buitenland te zijn en ik houd wel van verandering. Na dat tussenjaar zit ik alweer vier jaar in Amsterdam en dan wordt het tijd om te gaan.

Ik wil graag de Engelse muziekscène ontdekken en ik denk dat het beter is om met een band in Engeland door te breken. Van daaruit kennen mensen je sneller dan vanuit Nederland. Al is dat misschien optimistisch bekeken, maar

‘Ja heb je, nee kun je krijgen’.

Als je met iets in aanraking komt waarvan je denkt ‘Ja, dit wil ik’, ga er dan voor. Ik zou met Oxheart graag in poptempels willen optreden: in een voorprogramma van een vette band of in Tivoli. Of natuurlijk in een vol Paradiso.”

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *